Spelling & grammatica

Veelgemaakte spelfouten in het Nederlands (met uitleg en voorbeelden)

Redactie van AdeptWriteBijgewerkt 10 min. leestijd

De meeste Nederlandse spelfouten draaien om een handvol verwarde paren: hij wordt of word, groter dan of als, hun of zij, u of uw, jou of jouw, te veel of teveel. Elk paar heeft een vaste regel in de Woordenlijst of op Taaladvies.net van de Taalunie. Hieronder staan de regels met een toets die je zelf kunt doen, en met goed-fouttabellen.

Het korte antwoord

De meeste spelfouten in het Nederlands zijn geen typefouten maar verwarringen tussen twee bestaande vormen: word of wordt, dan of als, hun of zij, u of uw. Omdat beide vormen echte woorden zijn, ziet een gewone woordenlijst-controle ze niet. Je lost ze op met een vaste toets per paar. Die toetsen staan in deze gids, geordend naar het soort fout.

De spelling zelf is vastgelegd in de Woordenlijst Nederlandse Taal, bekend als het Groene Boekje, van de Nederlandse Taalunie. Die geldt in Nederland, Vlaanderen en Suriname. Uitleg bij twijfelgevallen als als/dan, hun/hen en d/t geeft de Taalunie op Taaladvies.net. Een woord opzoeken kan op woordenlijst.org. Beide sites zijn gecontroleerd op 2026-11-01.

Overzicht: de verwarde paren op een rij

PaarGoedFoutToets in één regel
Werkwoord, 3e persoonhij wordthij wordStam plus t bij hij, zij en het
Werkwoord, 1e persoonik wordik wordtBij ik blijft de stam staan
Vergelijkinggroter dangroter alsBij een vergelijking hoort dan
Onderwerpzij hebbenhun hebbenHun is nooit onderwerp
Bezitmijn moederme moederMe is geen bezittelijk voornaamwoord
Beleefdheidsvormuw adresu adresUw is bezit, u is onderwerp
Jou en jouwjouw fietsjou fietsJouw staat bij een zelfstandig naamwoord
Overtreffende trapde enigede enigsteEnig heeft geen overtreffende trap
Hoeveelheidte veel etenteveel etenBijwoord los, zelfstandig naamwoord aan elkaar
Tussen-npaddenstoelpaddestoelEerste deel heeft meervoud op -en
Meervoudcollega'scollegasApostrof na a, i, o, u en y
TremaideeënideeenKlinkerbotsing krijgt trema

Fouten bij werkwoorden

Word of wordt, vind of vindt

Dit is de nummer één. In de tegenwoordige tijd schrijf je bij ik de stam en bij hij, zij, het de stam plus t: ik word, hij wordt, ik vind, zij vindt. Bij jij hangt het af van de plaats: jij wordt, maar word jij? Een vraag met hij houdt de t wel: wordt hij? De volledige uitleg met 't kofschip staat in d of dt: zo schrijf je werkwoorden goed.

Een snelle toets: vervang het werkwoord door lopen of zingen. Past hij loopt, dan schrijf je hij wordt. Past ik loop, dan schrijf je ik word.

Gebeurd of gebeurt, betaald of betaalt

Het voltooid deelwoord eindigt op d of t, de persoonsvorm in de tegenwoordige tijd op t. Zet de zin in de verleden tijd of gebruik lopen: het is gebeurd (het is gelopen), maar het gebeurt vaak (het loopt vaak). Bij een voltooid deelwoord hoor je een verleden tijd erachter zitten: gisteren is het gebeurd.

Gefaxt, gechat, gesurft

Bij leenwerkwoorden bepaalt de stam wat je schrijft. Het voltooid deelwoord van faxen is gefaxt, omdat de stam op een x eindigt, en die letter zit in 't kofschip. Dus niet gefaxd. Hetzelfde geldt voor gechat (stam op t) en gesurft (stam op f). Bij mailen is het gemaild, want de stam mail eindigt op een l.

Fouten bij voornaamwoorden

Hun of hen of zij

Hun is nooit onderwerp. Je schrijft dus zij hebben gewonnen en niet hun hebben gewonnen. Hun en hen zijn de vormen na een voorzetsel of als meewerkend en lijdend voorwerp: Ik geef het aan hen, Ik geef hun het boek. Waarom dat verschil bestaat en wat de Taalunie erover zegt, lees je in hun of hen gebruiken.

FoutGoed
Hun hebben de uitnodiging gekregen.Zij hebben de uitnodiging gekregen.
Ik heb hun gisteren gezien.Ik heb hen gisteren gezien.
Dat is van zij.Dat is van hen.

U of uw

U is onderwerp of voorwerp: Kunt u mij helpen? Uw is bezittelijk: Kunt u uw adres doorgeven? Het is een van de meestgemaakte fouten in zakelijke mail. Hoort er een zelfstandig naamwoord achter dat bij u hoort, dan is het uw. Welke aanspreekvorm je in welke situatie kiest, staat in u of je: de juiste aanspreekvorm.

Fout: Wij sturen u rekening naar het adres dat u ons heeft doorgegeven. Goed: Wij sturen uw rekening naar het adres dat u ons hebt doorgegeven.

Dat u hebt en u heeft allebei voorkomen, is geen fout: de Taalunie accepteert beide vormen.

Jou of jouw, mij of mijn, me

Jouw en mijn staan voor een zelfstandig naamwoord en geven bezit aan: jouw tas, mijn moeder. Jou en mij zijn voorwerp: Ik zie jou, Geef het aan mij. De korte vorm me is een voorwerp (Hij ziet me) en geen bezittelijk voornaamwoord. Schrijf je netjes, dan staat er dus niet me moeder maar mijn moeder. In een appje is het informeel gangbaar, maar in een mail aan je docent of leidinggevende niet.

Fouten in vergelijkingen en trappen

Als of dan

Na een vergelijking van ongelijkheid schrijf je dan: groter dan, eerder dan verwacht, meer dan tien. Bij gelijkheid schrijf je als: even groot als, net zo snel als. Toets: staat er meer, minder, een trappelijke vorm op -er (groter, sneller) of anders? Dan is het dan. Staat er zo of even in de zin? Dan is het als.

FoutGoed
Hij is groter als zijn broer.Hij is groter dan zijn broer.
Ze is net zo slim dan haar zus.Ze is net zo slim als haar zus.
Ik heb meer als tien keer gebeld.Ik heb meer dan tien keer gebeld.

Als en dan zijn ook de twee woorden die het vaakst als vergelijking over elkaar vallen in studieteksten. Wie een betoog schrijft, doet er goed aan beide een keer te zoeken voordat hij inlevert.

Enige en enigste

Enig heeft geen overtreffende trap. Je zegt dus de enige kans en niet de enigste kans, want enig betekent al "alleen dat ene".

Fouten bij samenstellingen en aan elkaar of los

Te veel of teveel

Het Groene Boekje maakt een onderscheid: te veel (los) is een bijwoord of telwoord, teveel (aan elkaar) is een zelfstandig naamwoord. Dus Ik heb te veel gegeten, maar Er is een teveel aan suiker in dit recept. Meer van dit soort gevallen vind je in aan elkaar of los schrijven.

De tussen-n

In samenstellingen schrijf je een tussen-n als het eerste deel een meervoud op -en heeft: pannenkoek, paddenstoel, kippenpoot. Zonder meervoud op -en schrijf je geen n of een s, zoals in zonsopgang. De regel kent uitzonderingen, bijvoorbeeld bij woorden die op een persoon of een eigennaam teruggaan. Zoek in twijfelgevallen het woord op in de Woordenlijst, want daar staat de vorm die telt.

Onmiddellijk en andere dubbele letters

Onmiddellijk heeft een dubbele l, geen onmiddelijk. Dat komt doordat het van midden komt: onmiddellijk is "zonder iets daartussen". Dezelfde geheugensteun werkt bij middellijn: een lijn door het midden.

Fouten bij leestekens en letters

Het apostrof bij meervouden

Een meervoud op -s krijgt een apostrof als het woord op a, i, o, u of y eindigt, zodat de uitspraak klopt: collega's, baby's, auto's, menu's. Een woord op een geaccentueerde klinker krijgt geen apostrof: cafés, niet café's. Na een tweeklank volgt geen apostrof: bureaus, plateaus.

Het trema

Het trema geeft aan dat twee klinkers apart worden uitgesproken: ideeën, reeën, België, geïnteresseerd. Het trema staat op de tweede klinker van de botsing, niet op de eerste.

Hoofdletters

Een windrichting schrijf je met een kleine letter (het noorden, ten zuiden van Utrecht), een provincie of land met een hoofdletter (Noord-Brabant, Vlaanderen). Namen van gebeurtenissen als de Tweede Wereldoorlog houden hun hoofdletter. Twijfel je over een tijdperk of een eigennaam, zoek hem dan op in de online Woordenlijst.

Vaste uitdrukkingen en werkwoorden die vaak misgaan

FoutGoed
ten alle tijdente allen tijde
ik hoeft niets te doenik hoef niets te doen
jij hoef niets te doenjij hoeft niets te doen

Te allen tijde is een vaste uitdrukking waarin allen een oude naamvalsvorm is: de variant ten alle tijden is geen standaardspelling. Controleer zo'n uitdrukking in de Woordenlijst of in het woordenboek voordat je hem in een offerte, afspraak of scriptie laat staan.

Hoef of hoeft

Hoeven is een gewoon zwak werkwoord met stam hoef. Je schrijft ik hoef, jij hoeft en hij hoeft. Bij omgekeerde volgorde met jij valt de t weg: hoef jij dat te weten? De fout ik hoeft komt voort uit de uitspraak, omdat veel sprekers de f aan het eind nauwelijks horen.

Werkwijze: zo vind je jouw eigen fouten

  1. Lees je tekst hardop, op een rustig tempo. Je oog slaat een woord als wordt snel over, je oor vangt een vreemde zin eerder.
  2. Zoek bewust op je zwakke paren. Gebruik de zoekfunctie van je tekstverwerker op word, als, hun, uw en te veel en beoordeel elk geval apart.
  3. Pas per paar de toets toe uit het overzicht hierboven, niet op gevoel.
  4. Laat een tool meelezen. De spellingcontrole zoekt typfouten met de open OpenTaal-woordenlijst, direct in je browser. Ze markeert wat niet in die lijst staat, maar word en wordt staan er allebei in, dus zulke verwarringen gaan er mogelijk doorheen. De grammaticachecker kijkt met AI naar de hele zin en kan zulke fouten vaker vangen. Beide geven suggesties, geen garanties: de beslissing blijft bij jou en bij de regel.
  5. Twijfel je nog? Zoek het woord op in de Woordenlijst of lees het advies op Taaladvies.net.

Een run verwerkt maximaal 6.000 tekens. Heb je een langer document, plak het dan in delen.

Waar je het meest op moet letten

Waar het het vaakst misgaat, hangt af van wie je bent. Een paar patronen:

  • Studenten en scholieren. Werkwoordspelling in lange zinnen, als en dan in vergelijkingen, hun als onderwerp. Een inleverdeadline maakt het erger, omdat je minder tijd overhoudt om na te lezen.
  • Werkenden. U en uw in een offerte, te allen tijde in een contract, een apostrof of trema in een naam of afdeling. Een mail aan een klant is vaak je visitekaartje.
  • Mensen die Nederlands als tweede taal leren. De of het en de werkwoordspelling leveren de meeste fouten op. Zie ook de of het: het lidwoord.
  • Vlamingen en Nederlanders. De spelling is dezelfde, de fouten dus ook. Het verschil zit in woordkeuze, niet in de spellingregels.

Veelgestelde vragen over spelfouten

Zijn hun hebben en me moeder altijd fout?

In een formele tekst wel. In informele chat of dialoog in een verhaal zie je ze, maar ze zijn geen standaardspelling. Schrijf je voor school, werk of publicatie, kies dan de standaardvorm.

Verandert de spelling nog?

De Woordenlijst wordt bijgewerkt. De Taalunie brengt wijzigingen naar buiten via haar eigen kanalen. Kijk dus altijd in de actuele online versie als een regel je belangrijk is, bijvoorbeeld voor een scriptie of een officieel stuk. De beschreven regels zijn gecontroleerd op 2026-11-01.

Wat is het verschil tussen een spelfout en een stijlfout?

Een spelfout is een afwijking van de Woordenlijst of van de spelregels (hij word). Een stijlfout is een keuze die formeel of informeel niet past, zoals een heel informeel woord in een officiële brief. Een spellingcontrole helpt bij het eerste, een goede lezer of de toon-tool bij het tweede.

Waar vind je meer regels?

Voor de basis, zoals hoofdletters, afbreken en schrijfwijzen van leenwoorden, zie spellingregels van het Nederlands. Heb je een lastige leesteken-vraag? Lees dan leestekens in het Nederlands en komma-regels in het Nederlands.

Probeer de tools

Spellingcontrole Nederlands
Vind typfouten en veelgemaakte spelfouten met de open OpenTaal-woordenlijst, direct in je browser.
Tool openen
Grammaticachecker
Verbeter grammatica, spelling en leestekens in je tekst, afgestemd op de officiële spelling (Groene Boekje).
Tool openen
Woord opzoeken (woordcontrole)
Typ een woord en zie of het in de OpenTaal-woordenlijst staat, met suggesties bij een mogelijke spelfout en, indien beschikbaar, een betekenis.
Tool openen

Veelgestelde vragen

Wat zijn de meestgemaakte spelfouten in het Nederlands?

De werkwoordspelling (word of wordt), als of dan in vergelijkingen, hun als onderwerp, u of uw, jou of jouw, te veel of teveel en de tussen-n. Het zijn vaak bestaande woorden, dus een gewone woordenlijst-controle ziet ze niet. Een vaste toets per paar helpt het meest.

Wanneer schrijf je dan en wanneer als?

Na een vergelijking van ongelijkheid schrijf je dan: groter dan, meer dan, eerder dan. Bij gelijkheid schrijf je als: even groot als, net zo snel als. Een bijzin met als betekent ook een voorwaarde of tijdstip: als het regent, blijf ik thuis.

Wat is het verschil tussen u en uw?

U is het onderwerp of voorwerp, uw is bezittelijk en staat voor een zelfstandig naamwoord. Je schrijft dus: kunt u uw adres doorgeven? Een zin als wij sturen u rekening is dus fout: het gaat om de rekening van u, dus uw rekening.

Vindt de spellingcontrole van AdeptWrite deze fouten?

Niet altijd. De spellingcontrole werkt met een woordenlijst en markeert vooral typfouten en onbekende woorden. Verwarringen tussen twee echte woorden, zoals word en wordt, kan ze missen. De grammaticachecker kijkt met AI naar de hele zin, maar controleer elke suggestie zelf aan de regel.

Alle gidsen